Hits | Laatste update: Wednesday, January 27, 2021
De essentie van een harmonieuze ruimte!


De essentie van het woord "Ruimte"
Wat is ruimte? Ruimte is de mogelijkheid om een bepaalde plek ergens voor te gebruiken en op een bepaalde manier te benutten. Het biedt mogelijkheden en potentie die gebruikt kunnen worden om te scheppen. Scheppen klinkt wellicht wat vreemd, maar betekent in feite niets meer of minder dat je met de energie die je dagelijks binnenkrijgt dingen doet, van denken tot doen, van gedachte tot het creëren van dingen. Op ieder moment doe je iets, je ademt, denkt, slaapt, eet, voor alles heb je energie nodig en alles wat je doet geeft je een ervaring mee. Om iets te kunnen doen heb je ruimte nodig met een voldoende omvang aan mogelijkheden.

Een boom en een kerktoren staan ieder op een eigen manier in de ruimte. Een boom is een levend wezen dat continu groeit en daarmee nieuwe takken, wortels en blaadjes schept. Hij reageert daarbij op zijn omgeving en past zich in zijn tempo steeds weer aan. Daarbij neemt hij steeds meer ruimte in, van kleine boom tot grote boom, en vormt door dit groeiproces steeds meer ruimte om naar zijn energie. Een kerktoren daarentegen is veel statischer, alleen bij de bouw groeide de toren de lucht in, en de rest van de tijd staat deze als een fysiek obstakel en windvanger in de lucht. Daarmee beperkt een kerktoren de vrije mogelijkheden die er op een plek zijn, al biedt de toren op andere manieren weer mogelijkheden. Tegelijkertijd beïnvloedt de kerktoren zijn omgeving, niet op een scheppende en omvormende wijze zoals een boom dat doet, maar door diens vorm en afmetingen. De vorm beïnvloedt met diens energie de wind, lucht, regen en al het andere er omheen. Wanneer een kerktoren door de vormkeuze een harmonische niet-storende vorm heeft, heeft dat ook een harmonische invloed op alle aspecten rond de toren. En een disharmonische vorm heeft een disharmonisch storend effect op de omgeving.

Een ruimte is ook een kamer of zaal, een door muren en ramen omgeven onderdeel van een gebouw. Bij het woord ruimte wordt er dan vaak gedacht aan de grenzen van die ruimte in plaats van aan het gedeelte tussen die begrenzingen in, wellicht omdat een stoffelijk en fysiek iets nu eenmaal gemakkelijker aan te wijzen is dan een bepaalde omvang aan lucht en meer. Er zijn daarbij verschillende manieren van denken als het gaat om het duiden van ruimte. Men kan kijken naar de randen om door die afbakening de ruimtelijke inhoud te bepalen, maar men kan ook kijken naar de inhoud van die ruimte.

Bewustzijn van ruimte is belangrijk als we in een harmonische leefomgeving willen leven. Onze voorouders in het oude Egypte, Griekenland en Rome, en zeker ook de middeleeuwse kerkenbouwers, beleefden ruimte op een hele andere manier dan dat we dat tegenwoordig doen. En ook de natuur gaat anders met ruimte om dan de tegenwoordige mens. Dit valt op in gebieden waar de menselijke activiteit beperkt is gebleven en de natuur vrij spel had en de overhand had in vulling en benutting van die gebieden. Denk aan hoe een oerwoud met ruimte omgaat en wat voor onvoorstelbaar leven zo dicht nabij elkaar leeft. Denk aan enorme baobabs op de savanne's van Afrika of de sequoia's (mammoetbomen) van Californië in de Verenigde Staten. Als je op een berg staat en je kijkt uit over het ongerepte ruige landschap, niet vlak en ingekaderd in kleine percelen, maar onbeperkte heuvels en dalen, vlakten en rotsen, dan zie je de ruimte van de aardse natuur. In dat landschap kwamen mensen te wonen die temidden van de natuur hun heiligdommen hadden, woonden en leefden. De megalietenbouwers, de kelten en germanen, en ook de romeinen woonden midden in de uitgestrekte bossen van Europa. Met het respect voor de totale ruimte bouwde men heiligdommen en tempels en lieten de onbeperkte ruimte met mogelijkheden terugkomen in hun gebouwen. In de eerste plaats bepaalden ze de omvang van een ruimte op basis van wat ze er wilden gaan doen. Daarna bakende men dit pas af met een grondplan en muren. Men ging allereerst op zoek naar een geschikte plek waar het passend was een bepaalde ruimte met functie te situeren. Vervolgens ging men bepalen hoeveel bewegingsruimte, werkruimte, etc er moest zijn. Daarna werd het grondplan pas uitgezet om daarna te gaan bouwen. Men keek echt van binnenuit naar wat men wilde doen in die ruimte en daarna werd ze pas afgebakend.

Een ruimte heeft als doel om iets mogelijk te maken. Een leycentrum vormt op diens manier een heilige ruimte. Het energieveld van een leycentrum heeft geen fysieke afbakening, toch houdt de concentratie aan de rand ervan steeds meer op zodat er op een gegeven moment nog onvoldoende energie is om nog van een leycentrum te spreken. Een kern van een leycentrum bestaat uit een geconcentreerd veld van energie op een bepaalde plek, die na een aantal meters steeds meer afneemt. Het is in dat opzicht enigszins vergelijkbaar met een auraveld van bijvoorbeeld een mens of boom, maar dan zonder fysiek lichaam. Het energieveld van een leycentrum geeft (tijdelijk) extra energie zodat er meer mogelijk is, extra energie om te benutten, om te scheppen.

Ruimte biedt mogelijkheden om te benutten, om daarmee ervaring op te doen en daardoor meer ruimte te krijgen in het bewustzijn.

Schiedam, 03-01-2012

Terug naar het overzicht.